Hij zuchtte even “Mijn dochter heb ik al 23 jaar niet meer gezien, ook mijn zoon niet”.
Al lange tijd is hij gescheiden, en inmiddels heeft hij zich ermee verzoend, dat het is zoals het is. Slapen kan hij al jaren niet meer.
Hij is er zelfs arbeidsongeschikt door geraakt.
Het was zomaar een ontmoeting tijdens mijn dagelijkse wandelingen.
Ik kwam hem vaker tegen, een erg vriendelijke leuke man. Hij was altijd erg belangstellend naar wat ik zoal fotografeerde.
Zoals die keer dat ik op zijn vraag, op hoeveel afstand ik het muisje, wat ik hem liet zien op de foto, had gefotografeerd.
“Oh, op 600 meter” zei ik onnozel, hij “zéshonderd meter ?? Dat is echt wel heel ver”. “Ja, vertelde ik verder, en ik moest er languit voor op het wandelpad liggen”.
Hij keek me verwonderd aan.
Bij mij daagde er nog steeds niks, totdat thuis gekomen het kwartje pas viel. Kwestie van millimeters en meters door elkaar halen. Manlief had er in ieder geval erg veel plezier om, en ik ook achteraf.
Dat deze man zo’n groot verdriet met zich mee draagt, had ik me niet kunnen bedenken.
Hij ging weer verder op zijn fiets, en reed het bosgebied in, met zijn ziel onder de arm.
Zijn dochter zou deze week jarig zijn, en door alle problematiek heeft hij het opgegeven nog een kaartje te sturen.
Onderweg naar huis telde ik mijn zegeningen, en ben nog een tijdje in gedachten met hem bezig.
Het komt binnen, en raakt me, en dan wil het ergens heen. Schrijven is dan voor mij een manier om het een plek te geven
Zonder dat ik het hoef op te lossen, of vast te houden. Het leeft op deze manier een beetje voort door er woorden aan te geven in de vorm van een flard
