Willy zou het Hertogenpad lopen en de laatste week onderweg overnachten in verschillende B&B’s.
De kinderen vonden dat wat sneu voor mij en boden meteen aan om af en toe te komen eten, of mij uit te nodigen bij hen thuis.Maar ik zat net in mijn alleen-periode en wilde eigenlijk wel eens uittesten hoe dat zou zijn, een hele week alleen. Ook de avonden en de nachten. Geen bezoek, geen afspraken en nergens naartoe hoeven.
Dit was de ultieme test om te kijken of ik het eigenlijk wel goed met mezelf kon vinden.
Ik moest het natuurlijk ook weer niet té fijn gaan vinden, dat zou sneu zijn voor Willy.
Hij zou zo’n week alleen thuis, zonder veel aanspraak, helemaal niet prettig vinden en mij enorm missen.
Maar nu hij onderweg was, had hij juist volop contact. Met wandelaars, mensen op bankjes en de eigenaren van de B&B’s waar hij verbleef. Iedere avond belden we even.
Dan hoorde ik zijn verhalen van die dag en kreeg ik via de app foto’s doorgestuurd van alles wat hij onderweg tegenkwam.
Zelf trok ik er veel op uit met mijn camera, en thuis maakte ik het gezellig voor mezelf.
Ik kookte lekker, las wat, rommelde wat aan en schonk mezelf af en toe een goed glas wijn in wanneer de maaltijd daar om vroeg.
Dat dat regelmatig het geval was, was vast geen toeval.
Die week bedacht ik me meerdere keren hoe weinig een mens eigenlijk nodig heeft om tevreden te zijn.
Een dak boven je hoofd, te eten, rust en bovenal je gezondheid.
En natuurlijk af en toe iemand die vraagt hoe het met je gaat.
Ons leven begint uiteindelijk met niets. Gaandeweg bezitten we huizen, meubels, kleding, auto’s en allerlei andere spullen.
Om uiteindelijk ook weer met niets te vertrekken uit het leven.
Dat klinkt misschien somber, maar eigenlijk vind ik het juist een geruststellende gedachte. Na onze dood is iedereen gelijk aan elkaar waar het rijkdom betreft. Iedereen vertrekt zonder een cent op zak.
‘Het laatste hemd heeft geen zakken’ is een uitdrukking van mijn lieve schoonmoeder. Ze zei het zo mooi op zijn Bolswards ‘Het leaste himd het gjin busen’
We kunnen niets meenemen, niet eens ons eigen lichaam.
Al die spullen zijn natuurlijk best prettig en kunnen het leven mooier maken, maar de kern zit ergens anders.
Die zit in wat je hebt geleerd, in wat je hebt ervaren en de liefde die je hebt gegeven en ontvangen.
Dat draag je met je mee, en de rest is mooi meegenomen.
Ook moest ik denken aan een journaliste van de Volkskrant die honderdjarigen interviewde.
Wat haar opviel was dat deze mensen vaak nog maar weinig bezaten.
Meer dan een paar foto’s in lijstjes van dierbaren, een tafel, een paar stoelen, een bank en een bed, was het vaak niet.
Van veel spullen waar ze ooit waarde aan hechtten, hadden ze aan het einde van hun leven afscheid genomen.
Deze week alleen heeft mij in ieder geval geleerd dat ik het goed met mezelf kan vinden.
Ik sliep prima, vermaakte me uitstekend, en miste Willy tegelijkertijd ook gewoon.
Dat kan blijkbaar allebei.
De ooievaar op de foto lijkt het trouwens ook prima te vinden in zijn eentje.
Hij heeft zijn spiegelbeeld als gezelschap.
